Een computer is natuurlijk niets zonder besturingssysteem. De meest voor de hand liggende keuze voor onze miniserver is Windows
of Linux.
Windows XP is erg gebruiksvriendelijk, maar heeft als nadeel dat het niet echt stabiel is voor langdurig gebruik zonder herstarten, en dat een
licentie natuurlijk geld kost, als je er nog aan kunt komen. Windows Vista en Windows 7 zijn te 'zwaar' voor ons bescheiden systeem dat voorzien
is van een 32bit 1,6GHz Intel Atom N270 processor en 1GB werkgeheugen. De server-edities van Windows, 2000, 2003 en 2008 zijn voor wat wij met
dit systeem willen doen qua mogelijkheden wellicht een optie, maar de kosten van een licentie zal de grote spelbreker zijn...
Van Linux zijn vele zogenaamde distributies, die allemaal hun eigen kenmerken hebben, maar maken gebruik van dezelfde basis en structuur. Over
het algemeen is met Linux op minder snelle hardware nog prima te werken, en bovendien zijn de veel distributies uitgegeven onder de
GNU General Public License, en in de praktijk gratis te verkrijgen en te gebruiken.
Voor onze Atom miniserver kiezen we voor Ubuntu, een gebruiksvriendelijke Linux-distributie met een grote aktieve community. Ubuntu Server 9.04,
op het moment van schrijven van dit artikel de meest recentie versie, is gratis verkrijgbaar via
www.ubuntu.com. Let wel op dat je kiest voor de 32-bit versie, standaard staat op de download-pagina de 64-bit versie geselecteerd! Bewaar dit bijna 600MB grote bestand
ubuntu-9.04-server-i386.iso op een plaats die je straks weer gemakkelijk kunt terugvinden. Normaal gesproken kun je dit .ISO bestand op
een lege cd of dvd branden en de computer vanaf dat schijfje opstarten. Aangezien ons systeempje niet beschikt over een ingebouwde cd/dvd drive
moeten we installeren van een externe cd/dvd drive of een USB-stick. Aangezien bijna iedereen wel een USB-stick heeft kiezen we hier ook voor deze
optie. De stick moet wel minimaal over 1GB geheugen beschikken. We googelen om te beginnen maar eens op
'install ubuntu from usb stick'. Als je de engelse
taal goed beheerst is het vaak handig om een engelstalige zoekterm in te vullen, omdat in die taal veel meer op internet te vinden is als in het
Nederlands. Op de eerste pagina met zoekresultaten vinden we een
help-onderwerp op de officiele Ubuntu-site dat precies aansluit bij wat we hier willen doen.
Een gemakkelijke optie die genoemd wordt is om gebruik te maken van het programma Unetbootin
om het .ISO bestand wat we hebben gedownload op een USB-stick te zetten en deze opstartbaar te maken. Onderstaande plaatjes maken duidelijk welke
opties je dient te kiezen (klik op een afbeelding om die te vergroten).
Voor het gemak maken we gebruik van de Windows-versie van Unetbootin, en gezien het feit dat er in de meeste huishoudens een pc met Windows
aanwezig is lijkt dit ons als voorbeeld het meest handig. Er is echter ook een Linux-versie van het programma beschikbaar.
We prikken de door Unetbootin geprepareerde opstartbare USB-stick in een van de USB-poorten van onze miniserver en starten deze op, terwijl
we meteen met functietoets F10 het boot-keuze-menu opvragen. We kiezen hier uiteraard voor het apparaat wat zich kenbaar maakt als
USB Flash drive.
Het eerste scherm wat we zien als er van de USB-stick opgestart wordt is van Unetbootin. Omdat we Ubuntu willen installeren op de harddisk van
onze miniserver, kiezen we voor 'Install'. Beweeg binnen 10 seconden met je pijltjestoetsen naar deze optie, anders wordt 'Default'
opgestart, waarna het tijdens de installatie fout gaat bij het laden van cdrom drivers. Let er trouwens op dat de miniserver al is aangesloten op
je netwerk zodat er via DHCP automatisch een verbinding gemaakt kan worden. Tijdens de installatie worden de meest recente pakketten van internet
gedownload.
Eerste stap van het installatieprogramma van Ubuntu is de taalkeuze. Hiermee kies je de taal van je Ubuntu-installatie. Niet alles is in het
Nederlands vertaald, dus ook al kies je voor Dutch tijdens de installatieprocedure, dan nog krijg je regelmatig engelstalige teksten
voorgeschoteld.
Het keuzescherm voor het kiezen van je toetsenbord indeling is engelstalig. Heb je een standaard alledaags toetsenbord dan kun je
het best gewoon de keuzes maken die het installatieprogramma voor je neerzet, dus gewoon op enter drukken bij de vragen 'Detect
keyboard layout' (standaard: Nee), bij 'Origin of the keyboard' (standaard: USA), en bij 'Keyboard layout' (standaard: USA - International
(with dead keys))'
Tijdens de volgende stap probeert het installatieprogramma een verbinding met het netwerk te maken met behulp van DHCP. Zorg dus dat het systeem is aangesloten op je netwerk. Je kunt, als je verstand hebt van netwerkconfiguratie, ook handmatig een verbinding instellen.
Vervolgens wordt gevraagd welke 'Ubuntu-archief-spiegelserver' je wilt gebruiken. Standaard staat Nederland gekozen, dus op enter
drukken is een prima keuze, net als in het volgende scherm waar je de naam van die server kunt opgeven, die staat standaard op
nl.archive.ubuntu.com staat. Mocht de Nederlandse spiegelserver het om een of andere reden niet of niet goed doen, dan kun je natuurlijk
altijd voor een andere kiezen. In het volgende scherm wordt gevraagd naar je HTTP-proxy-gegevens. Als je een alledaagse verbinding met internet
hebt, of geen idee, dan kun je dit leeg laten en op
Na het laden van aanvullende installatiemodules kom je in het scherm van de schijfindeling. We kiezen hier voor Handmatig om zoveel
mogelijk controle over de instellingen te houden. Het is veruit het gemakkelijkst als je alleen Ubuntu op je miniserver installeert, wil je
meerdere besturingssystemen (multi-boot) dan moet je wel weten waar je mee bezig bent. ;-) Wil je naast Ubuntu alleen Windows op je systeem
installeren, dan is het handig om eerst Windows te installeren (laat dan wel genoeg vrije ruimte over voor je Ubuntu-installatie). Het
installatieprogramma van Ubuntu detecteert je Windows-installatie en maakt een menu waarmee je tijdens het opstarten van je systeem kunt
kiezen of je Ubuntu of Windows wilt opstarten.
Wij gaan in dit artikel uit van het installeren van alleen Ubuntu.
Als de eerste harde schijf van je systeem nog (gedeeltelijk) leeg is, zul je onder SCSI1 (sda) een regel met VRIJE RUIMTE zien. Ga met
je pijltjestoetsen naar die regel en druk op enter. Kies vervolgens voor 'Een nieuwe partitie aanmaken' en geef de gewenste grootte
op. Wij houden in bovenstaand voorbeeld 22 GB vrij, namelijk 2GB voor een swap-partitie en 20GB om in de toekomst wellicht nog een ander
besturingssysteem naast Ubuntu te kunnen installeren. Geef bij 'Nieuwe partitiegrootte' de ruimte op die je voor je systeempartitie wilt gebruiken,
en maak hem in het volgende scherm 'Primair'. Je kunt vervolgens kiezen of je de nieuwe partitie aan het begin of aan het einde van de vrije
ruimte wilt maken, hier kun je gewoon voor 'Begin' kiezen.
Het is een veilige en goede optie om je systeempartitie te gebruiken als 'Ext3 loggend bestandssysteem'. Je systeempartitie heeft als
aanhechtpunt " / ", symbool voor de hoofdmap. De aankoppelopties houden we op de standaardinstelling 'relatime', het is niet nodig om een
label op te geven. De gereserveerde blokken stellen we hier in op 1%, die ruimte wordt in noodgevallen gebruikt voor systeemprocessen als
er geen normale vrije ruimte meer is op de systeemschijf. Omdat onze systeempartitie ruim 200GB groot is, hebben we meer dan 2GB gereserveerde
blokken, wat meer dan voldoende moet zijn in de praktijk. Deze ruimte is niet beschikbaar voor normaal gebruik!
Bij 'Typisch gebruik' kiezen we de 'standaard' instelling, en zetten de 'Opstartbaar-vlag' op 'aan'. Na het invullen van al deze
opties kiezen we 'Klaar met instellen van partitie'.
Nu maken we nog een partitie in de vrije ruimte van dezelfde harddisk, namelijk een swap
partitie. Deze ruimte gebruikt Ubuntu als virtueel geheugen in het geval dat het beschikbare RAM geheugen vol is. Deze partitie maken we 2GB groot,
Logisch, aan het begin van de vrije ruimte, en stellen we in het scherm van de partitieinstellingen in dat we deze gebruiken als
Wisselgebeugen (swap area). Nadat we aangeven dat we klaar zijn met het instellen van de partitie ziet het overzicht er ongeveer uit zoals
in afbeelding 8.
Als laatste kiezen we voor 'Schijfindeling afsluiten & veranderingen naar schijf schrijven', waarna de partities worden ingedeeld zoals we
hierboven hebben opgegeven. Dit kan een paar minuten duren. Het installatieprogramma gaat vervolgens verder met het installeren van het
basissysteem, wat afhankelijk van de snelheid van je internetverbinding ook een aantal minuten duurt.
Bij de volgende stap wordt gevraagd om de gebruikers en wachtwoorden in te stellen. Kies hier bij voorkeur niet voor een standaard gebruikersnaam
zoals 'admin' of 'dennis', maar liever 'admin65q' of 'dennis09m'. Onze server zal namelijk ook met behulp van SSH via internet te benaderen zijn,
en dan is het handig als de gebruikersnaam al niet in de standaard namenlijst staat in het geval van een
dictionary attack. Ook het wachtwoord kun je het best ingewikkeld maken met een combinatie van hoofd- en kleine letters, en cijfers.
Hierna wordt gevraagd of je je home directory wilt encrypten, hier kiezen we voor de standaardsuggestie 'Nee'.
De keuze voor 'Geen automatische updates' is de beste voor een server, omdat het kan voorkomen dat sommige dingen na een update niet meer werken zoals het hoort. Het updaten moet dus altijd handmatig gebeuren door de beheerder van de server, zodat eventuele problemen meteen aangepakt kunnen worden.
De volgende stap is het kiezen van de pakketten die we tijdens de installatie van onze server willen toevoegen. In dit artikel kiezen we voor
Basic Ubuntu server, LAMP server (Linux Apache MySQL PHP), OpenSSH en Samba.
In het vervolg op dit artikel gaan we verder met het configureren van onze miniserver, zowel lokaal als op afstand
in een terminalvenster, maar ook met de Ubuntu desktop.
19 september 2009 20:08 door Sander.
Tags: